Afgelopen en deze week vonden de twee debatten plaats van de presidentskandidaten en hun runningmates. Het verschil in de twee debatten was groot.

Het eerste debat tussen Biden en Trump was chaotisch en met weinig tot geen beleidsinhoud. De twee bleven elkaar interrumperen; met Trump als grootste ‘interrumpeerder’. (InterTrumperen;-) Biden hield zich goed staande, maar struikelde toch meerdere keren over zijn woorden. Het tweede debat tussen Harris en Pence verliep rustiger. Men liet elkaar uitpraten, waardoor er ook beleidszaken konden worden toegelicht en visie kon worden gedeeld.

In een debat wordt het vuur je vaak aan de schenen gelegd en de kunst is om sterk te blijven staan, je niet van de wijs te laten brengen en op een waardige manier je standpunten helder te brengen.

Het vuur kan tijdens een presentatie ook aan je schenen worden gelegd. Je publiek kan het bijvoorbeeld zwaar oneens zijn met je stelling, en dat met lastige vragen en opmerkingen duidelijk maken. Het kan ook zo zijn dat je presentatie niet waterdicht is, dat er hiaten zijn en dat dat dus veel vragen oproept. Waarop jij het antwoord niet goed weet.

In alle gevallen (ook in die laatste) is het belangrijk dat jij je kracht niet verliest.

Laten we twee situaties bekijken:

  1. De vragensteller heeft een hiaat gevonden in je presentatie en blijft vragen stellen om je onderuit te halen.
  2. Iemand is het niet eens met je gedeelde visie en probeert je ‘gemeen’ onderuit te halen. De betreffende persoon is verbaal sterk en brutaal. Hij/zij haalt je onderuit zonder onderbouwde argumenten, in een snel tempo en blijft je herhaaldelijk onderbreken.

Bij 1 is het belangrijk dat je openlijk toegeeft dat er een open einde is; ‘ik zie dat dit stukje nog een open einde heeft, dat is slordig uitgewerkt van me’, en dat je vervolgens meteen de brug slaat naar wat je wel goed hebt voorbereid en verder stuurt naar je kernboodschap: ‘maar dat hoeft geen probleem te zijn als je kijkt naar…’  je benoemt een detail, een klein onderdeel van het geheel en vanuit daar sla je de brug naar het grotere geheel.

Zorg dus dat je je voorbereidt op onverwachte vragen en dat je weet waar je naar toe wil sturen als je in het nauw wordt gedreven. Geef je slordigheid toe. Mocht er een vervolgpresentatie gepland staan, geef dan aan dat je dit dan uiteraard hebt uitgewerkt.

Bij 2 is het van belang dat je blijft ‘staan’ en niet meegaat in de negativiteit van de ander. Als je terugkijkt naar Biden: hij hield zich goed staande, maar startte zelf ook met interrumperen. Daarnaast bleef hij zich continu negatief uitlaten over zijn tegenstander. Daar gebruikte hij teveel zinnen voor. Hij bleef herhalen ‘hoe slecht de plannen of hoe afwezig de plannen van Trump waren’. Biden hield zo nauwelijks tijd over om zijn eigen plannen toe te lichten. De vraag die bleef hangen was; ‘ja we weten dat de ander het slecht deed, maar wat wil jij gaan doen dan?’ Als dat standpunt uitblijft win je niets met het afvallen van je tegenstander.

Geef in 1 zin wat het probleem is, waarom het veranderd moet worden en deel dan vooral je visie met hoe je dat wil gaan veranderen. En besteed aan dat laatste meer dan 1 zin.

In het tweede debat zag je overigens duidelijk meer rust, waardoor beiden meer de kans kregen hun beleidsplannen toe te lichten.

Tijdens onze trainingen werken we met oefeningen die je van je stuk laten brengen. Het publiek vuurt vervelende vragen op je af en we bekijken wat je gaat doen: ga je paniekerig verdedigen, val je ongenadig aan, kruip je in je schulp, ga je jezelf overschreeuwen..? Wat doe jij in zo’n geval?

En wat kun je veranderen om sterker over te komen, zodat de ander niet anders kan dan z’n mond houden en op een serieuze en vooral open manier te luisteren naar je standpunten?

Op 27 oktober start er weer een tweedaagse presentatietraining waar nog twee plekken over zijn. Hier leer je je staande houden tijdens presentaties, ook als het lastig wordt.

Klik hier voor meer info: http://parlante.nl/trainingen/unieketweedaagse/